Er was eens een jonge koppel in de bus. Een jonge man en zijn vrouw. Het koppel verschilde van andere koppels die men tegenkwam in die stad. De jonge vrouw droeg meer dan een hoofddoek alleen.

Op een gegeven moment heeft één van de passagiers zich omgedraaid naar hen toe en zei met een zachte stem: “Jongeman.”

Hij zat tegenover het koppel. Aan zijn uiterlijk te zien, leek hij op een professor in een of andere universiteit.

“Heeft u het tegen mij?” vroeg de jongeman.
“Ja, tegen u,” antwoordde de man.
“Ik luister,” zei de jongeman beleefd.
“Ik wou je iets vragen. Ik hoop dat je niet boos zal worden op mij,” vervolgde de man. “Ik kijk nu al een tijdje naar jou en ik kan het niet begrijpen. Ik kan niet begrijpen hoe een man tegenwoordig zijn vrouw kan doen verhullen in een doek. De mens is al in de ruimte geweest, de wetenschap is met grote stappen ontwikkeld, de civilisatie heeft de top bereikt, maar jij, je laat je vrouw niet vrij leven. Kijk nu naar mijn vrouw.”

Hij wees naar de onbedekte vrouw naast hem.

“Zie je? Zij is open en vrij, en ze geniet van het leven. Maar jij?” De man boog zich voorover naar de jongeman toe: “Misschien is hier een andere reden voor?”

De jongeman zei niets en keek uit het raam. Even later stopte de bus bij een halte. Buiten stonden er auto’s die bedekt waren met een waterdicht doek.

De jongeman draaide zich naar de man en vroeg: “Ziet u die auto’s?”
“Ja, ik zie ze. En wat dan?” vroeg de man verbaasd.
“Waarom zijn ze bedekt?” vroeg de jongeman.
“Het is toch duidelijk, omdat ze waardevol zijn. En de eigenaars van die auto’s niet willen dat hun auto’s beschadigd of vernield worden. Ze zorgen voor die auto’s.”
“En die bussen die naast de auto’s staan, waarom zijn die niet bedekt?”
“Omdat ze openbaar vervoer zijn. Iedereen gebruikt ze. Wat is je punt eigenlijk?”

Alle passagiers in de bus hoorden het gesprek en wachtten met ongeduld op het antwoord.

Zonder zich te schamen antwoordde de jongeman: “Begrijpt u, mijn vrouw is waardevol voor mij, ik maak me zorgen om haar en hou van haar. En mijn eer zou mij niet toelaten dat anderen haar aanstaren. Daarom draagt ze meer dan een hoofddoek alleen. En uw vrouw is precies het openbaar vervoer, aangezien iedereen haar kan bekijken en aanstaren, en het u niks schelen.”

De blikken van de passagiers richtten zich naar de man en zijn vrouw. De man zat er verward bij en wist niet wat te zeggen, en de vrouw bloosde van schaamte. De bus reed verder…

Schrijver onbekend…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s